Hofheide

Crematie

Strooi uit mijn as

voor alle winden

dat wat mijn lichaam was

de weg kan vinden

naar alles wat het eens beminde

naar wolk en zee

en zich daarmee verbinden.


M.A. Muusses


Wettelijke voorschriften kist

Wettelijke voorschriften kist 

Besluit van de Vlaamse Regering tot bepaling van de voorwaarden waaraan een doodskist of een ander lijkomhulsel moet beantwoorden
Datum 21.10.2005

HOOFDSTUK I Voorwaarden waaraan doodskisten moeten beantwoorden
ART. 1.
Doodskisten moeten uit een natuurlijk materiaal worden vervaardigd.

Het materiaal waaruit de doodskist is vervaardigd, mag niet geïmpregneerd zijn.

Houtbeschermingsmiddelen of halogeenorganische verbindingen zijn niet toegestaan.

Doodskisten en accessoires, gemaakt van metaal of op basis van niet biodegradabele materialen, zijn niet toegestaan.

Een kist, gemaakt van spaanplaat, mag niet meer dan 10 mg vrij of gemakkelijk vrij te maken formaldehyde bevatten per 100 g plaatmateriaal.
ART. 2.
Een doodskist die in contact is gekomen met een stoffelijk overschot meermaals gebruiken, is niet toegestaan.
ART. 3.
Alleen ureumformaldehydelijm en polyvinylacetaatlijm (PVAC), of andere lijmen die minstens even biologisch afbreekbaar zijn, zijn toegestaan.
ART. 4.
Alleen nitrocelluloselak, of andere lakken die minstens even biologisch afbreekbaar zijn, zijn toegestaan.

Vernis, lakken en verven moeten bij de crematie rookarm, ontvlambaar en vrij van halogeenorganische stoffen en zware metalen zijn.
ART. 5.
Houtreliëf, houtsnijwerk en brandschilderingen zijn toegestaan.

Handvatten van de doodskisten moeten vervaardigd zijn uit vergankelijk materiaal.

Verbindingselementen als spijkers, schroeven, nieten, klemmen en metalen voeglatten zijn toegestaan.

Alle niet-houten handgrepen, sierschroeven en andere sierstukken moeten van buitenaf verwijderd kunnen worden.
ART. 6.
De binnenbekleding van de doodskist mag enkel uit natuurlijke, afbreekbare stoffen bestaan.
ART. 7.
Als een doodskist, bestemd voor crematie, niet volledig uit massief hout is vervaardigd, moeten de andere materialen op het vlak van emissie en asresten minstens vergelijkbare resultaten geven bij crematie.
ART. 8.
De voorwaarden waaraan de doodskist moet voldoen en die vervat zijn in dit hoofdstuk zijn niet toepasselijk op doodskisten, bestemd voor het internationale lijkenvervoer.

Voor begraving of crematie binnen een gemeente van het Vlaamse Gewest moeten de doodskisten echter steeds voldoen aan de bepalingen van dit besluit.
HOOFDSTUK II Voorwaarden waaraan lijkwaden moeten beantwoorden
ART. 9.
Een lijkwade is een lijkomhulsel dat in de plaats van een doodskist wordt gebruikt bij de lijkbezorging.
ART. 10.
Lijkwaden moeten, speciaal voor dit doel, uit een natuurlijk materiaal worden vervaardigd.

Om de vochtigheid te absorberen mogen zaagsel, houtschilfers, houtwol of andere absorberende vergankelijke materialen gebruikt worden.
ART. 11.
Een lijkwade die in contact is gekomen met een stoffelijk overschot meermaals gebruiken, is niet toegestaan.
ART. 12.
Gedurende zeven dagen in voortdurend contact met water van 5° C en 20° C bij pH 7 mag het materiaal niet meer dan 1 mg vloeibaar water per meter per uur doorlaten, gemeten volgens de norm DIN53122 of een vergelijkbare norm.

Na veertien dagen mag, volgens een biologische proef, de doorlaatbaarheid, gemeten volgens de norm DIN53122 of een vergelijkbare norm, voor gasvormig koolstofdioxide niet minder zijn dan 150 ml per meter per uur en voor zuurstof niet minder dan 200 ml per meter per uur.
ART. 13.
De treksterkte van het materiaal en de las- of naadverbindingen mogen niet minder bedragen dan 1 N per mm, gemeten volgens de norm DIN53455 of een vergelijkbare norm (N, nano, groothedensymbool voor brekingsindex).

Als het materiaal wordt dubbelgevouwen en de vouw gedurende dertig minuten wordt belast bij een druk van 5 N per cm2, dan mag het materiaal in de vouw geen scheur vertonen.

Gedurende twee jaar bij opslag van 20° C mag de krimp in de lengte- en de breedterichting niet meer dan 10 % bedragen, gemeten volgens de norm DINASTM : D2732-83 of een vergelijkbare norm.
ART. 14.
Het materiaal mag niet meer dan 0,1 gewichtsprocent chloor bevatten.

Zowel bij biologische afbraak als bij crematie mogen geen schadelijke stoffen vrijkomen. Voor zware metalen, zoals Pb, Cr, Ni, Cu, Cd en Zn, en gechloreerde KWS moet worden voldaan aan de Duitse Bundesgütegemeinschaft-norm RAL GZ 251 of een daaraan gelijk te stellen norm. Voor de bepaling hiervan moet worden gebruik gemaakt van de norm ASTM : D 5152-91 of een vergelijkbare norm.
ART. 15.
Het materiaal van de lijkwaden moet binnen negentig dagen voor meer dan 98 % worden afgebroken, gemeten volgens de norm ASTM : D 5338-92 of een daarmee vergelijkbare norm.
ART. 16.
Indien een onderplank dat gebruikt zou worden voor het transport van een stoffelijk overschot gehuld in een lijkwade samen met het stoffelijk overschot en de lijkwade zou worden begraven of gecremeerd, dan dient de onderplank aan dezelfde voorwaarden te voldoen als bepaald in hoofdstuk I.
HOOFDSTUK III Slotbepaling
ART. 17.
(niet opgenomen)



Statistieken

Aantal crematies neemt elk jaar toe 

Steeds meer mensen kiezen voor een crematie bij het levenseinde en het afscheid van hun naasten. Crematie gebeurt nu al bij één op de twee overlijden. Het recent aanbod van asbestemmingen, met urnevelden, asverstrooiïng op zee, het bijhouden van assen in de familie, het versterkt de stijgende trend.

Hieronder kan u de statistieken voor België inzien.


Cijfers

 


Ontgraving

Ontgraving


Omwille van technische, veiligheids-, en hygiënische redenen moet ingeval van ontgraving het stoffelijk overschot worden aangeboden in een nieuwe en volgens wetgeving conforme kist. Het stoffelijk overschot mag dus niet worden aangeboden in de opgegraven lijkkist.

In het bijzonder zal toegezien worden op de volgende aspecten:

  • De kist mag niet worden verzwaard met aarde of zand, noch met andere materialen.
  • Metalen onderdelen en vooral pacemakers moeten verwijderd zijn.
    (uitzondering: de nieuwe generatie intra cardiale pacemaker, deze zijn onverwijderbaar)
  • De lijkzak moet in biologisch afbreekbaar materiaal zijn, zeker geen PVC zakken.
  • Het gewicht van de kist mag maximum 140 kg bedragen

Kisten niet-conform aan deze voorwaarden kunnen een gevaar betekenen voor de crematieovens.
Alle restanten die na de crematie overblijven, worden meegegeven aan de uitvaartondernemer of diens verantwoordelijke (met uitzondering van de metalen).


(Heft het koninklijk besluit van 26 november 2001 tot uitvoering van artikel 12, tweede en vierde lid, van de wet van 20 juli 1971 op de begraafplaatsen en de lijkbezorging op)


Crematie van kind

Crematie van een kindje 

 Wat niet zou mogen gebeuren, gebeurt spijtig genoeg maar al te vaak. Je moet afscheid nemen van je kind, van je ongeboren kind, je nog niet levensvatbaar kindje.
In Hofheide willen we er alles aan doen om het verdriet een beetje draagbaar te maken, om ouders en familie op een zachte en respectvolle manier te begeleiden. Om ouders en familie te steunen in deze moeilijke periode.
Je kindje is overleden, en je wenst van de diensten van Hofheide gebruik te maken, wat is er dan mogelijk?
Je kan gewoon van alle diensten gebruik maken die er zijn in Hofheide:
- Je kan een plechtigheid organiseren, met de hulp, steun, begeleiding van ons of een geloofsovertuiging
- Je kan gebruik maken van de diensten van de Brasserie
- Je kan je kindje laten cremeren en de urne een plaatsje geven op onze begraafplaats (of ergens anders)
- Voor de kindjes hebben we de sterretjesweide, met de urne kelders in de vorm van een sterretje en de strooiweide

Je kindje was nog niet levensvatbaar (in de medische wereld is dat dan een foetus, wij verkiezen de naam niet levensvatbaar)
Voor je niet levensvatbaar kindje geldt het zelfde als wat we hier al hebben vermeld. Je kindje is niet levensvatbaar, als het de leeftijd van 26 weken nog niet heeft bereikt. In die situatie wordt je kindje niet ingeschreven in het bevolkingsregister van je gemeente.
Als documenten heb je dan enkel een attest van de gynaecoloog of de vroedvrouw nodig?


Aanwezigheid bij invoer

Het Besluit van de Vlaamse Regering dd. 14 mei 2004 laat toe dat twee nabestaanden (verwanten of kennissen van de overledene) de invoer van de doodskist in de crematieoven mogen bijwonen.

In het geval de nabestaanden hierbij wensen aanwezig te zijn, dan wordt dit tijdig (bij de reservatie, of minstens 1 dag voor de crematie) meegedeeld aan het crematorium.

Een crematie met aanwezigheid van nabestaanden kan ten vroegste doorgaan vanaf 8u30 ’s morgens. Bij crematies voor 8u kan geen aanwezigheid van nabestaanden toegestaan worden.

Bij elke invoer met aanwezigheid van nabestaanden wordt aanwezigheid van de begrafenisondernemer of diens verantwoordelijke verwacht. Een onthaalmedewerker van Hofheide zal de begeleiding mee verzorgen. Deze zal aan de betrokken nabestaanden een korte duiding geven bij het verloop van de invoer en de technische en veiligheidsaspecten die hiermee gepaard gaan.

De kist zal eerst worden klaargezet voor de oven, vooraleer de nabestaanden zich naar de technische ruimte begeven onder begeleiding van de uitvaartondernemer en van een onthaalmedewerker van Hofheide.

De nabestaanden worden enkel toegelaten op de daartoe voorziene plaats. Het is niet toegelaten dat de nabestaanden plaats nemen op niveau van de kist-invoer. We dulden enkel foto’s tot voor de invoer start.


{{ popup_title }}

{{ popup_close_text }}

x